Gustaaf Van Hoey

English.gif A composer, organist, and amateur carillon player from Mechelen

Gustaaf Van Hoey, geboren te Mechelen op 26 oktober 1835 en er overleden op 18 januari 1913, was een componist, organist en amateur-beiaardier.[1]

CarrièreBewerken

Als zoon van de kunstschilder Jozef Van Hoey studeerde hij muziek aan het Brusselse conservatorium, waar hij in aanraking komt Peter Benoît. Hun leraren waren Fétis en Bosselet.[2]

Gustaaf Van Hoey schopte het tot directeur van het Mechelse muziekconservatorium, tussen 1868 en 1906.[3] In die functie werd hij met een huldeconcert in de bloemetjes gezet. Eén van de personen die hieraan meewerkte, was de Mechelse sopraan Berthe Seroen.[4]

De familie Denyn en de beiaardschoolBewerken

Van Hoey was een vriend van Adolf Denyn, vader van Edward en Jef, welke laatste les kreeg van Gustaaf Van Hoey. Bij de oprichting van de latere Mechelse Beiaardschool door onder meer Jef Denyn werd een beiaardklavier gekocht bij Gustaaf Van Hoey, hetwelk ooit nog toebehoord had aan de familie Wittman. Louis Wittman was tussen 1841 en 1849 stadsbeiaardier en opgevolgd geweest door Adolf Denyn.

Geregeld, meestal op een zondagmorgen, speelde ook Gustaaf Van Hoey op de beiaard van de Sint-Romboutskathedraal.

HuldesBewerken

In 1937 schreef Gaston Feremans een "Cantate voor de Gustaaf Van Hoey-hulde".[5][6]

Eveneens nog in de twintigste eeuw werd de toenmalige Korte Heergracht naar Gustaaf herdoopt tot Van Hoeystraat.

In september 2010 werd in Deinze, tijdens het 'September- en Vlaanderenconcert' (naar aanleiding van 500 jaar beiaard en refererend naar de 17 Provinciën), de "Sonata" van Gustaaf Van Hoey ten gehore gebracht.[7]

Externe linksBewerken

BronnenBewerken

VoetnotenBewerken